Ieder diptiek bestaat uit een zilverduk, verwerkt volgens de archivale conserveringstechnieken, en een computer printout gecopieerd op conserveringspapier.
Door gebruikmaking van zelf geschreven programma's voor de digitale computer werden specifieke generatieve grafismen gecreeerd bestaande uit alfabetische en numerieke symbolen.
Alhoewel ieder werk een titel draagt en de beeldelementen veelal eenvoudig zijn, wordt van de spectator een niet te verwaarlozen intellectuele inzet gevraagd om de visuele implicaties en interacties van de conceptueel-poetische werken te verstaan.
Michèle Minne (1984) heeft in haar studie van het oeuvre van Roger COQART de term "belgitude" gebruikt bij de beschrijving van de poetisch-conceptuele montages waarbij toeval, erotisme, humor en ironie de hoofdpunten uitmaken en die, volgens haar, alleen in België eind van de jaren zeventig, begin jaren tachtig konden verwezenliujkt worden.
Michèle Minne - "Deux pionniers de l'art informatique en Belgique: Peter BEYLS et Roger COQART" Mémoire présenté en vue de l'obtention du grade de licenciée en Histoire de l'Art et Archéologie à l'Université Libre de Bruxelles, 1984-85ø, or the Use and Importance of the Golden Ratio, 25x15cm, silverprint + computer printout, 1982 Une image vaut mieux que mille meuhs, 32x22cm, silverprint + computer printout, 1982 Referendum, 32x15cm, silverprint + computer printout, 1982








