Roger Kockaerts

PLATINADRUK

COMPOSIETE WERKEN

Roger Kockaerts inleiding door Anne Wouters, kunsthistorica bij opening van de tentoonstelling in de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten, Antwerpen ter gelegenheid van het begin van het academiejaar 1994-95

Mensen die experimenteren, op zoek gaan naar nieuwe dingen terwijl ze in hun werk een eenheid van stijl behouden en doorheen hun hele oeuvre een onweerstaanbare persoonlijkheid tentoon spreiden, genieten mijn grootste waardering. Roger Kockaerts is zo iemand. U zal er zich rekenschap van kunnen geven bij deze korte evocatie van een welgevulde carrière.

Roger Kockaerts werd in Wilsele geboren in 1931. Hij maakte zijn eerste foto's in 1956. Dat was de bloeiperiode van de "Subjectieve Fotografie", die vanuit Duitsland heel Europa overspoelde en in België belangrijke vertegenwoordigers telde. Het was een tijd van hoop en heropleving.

Alle aandacht was gericht op de technische, optische en chemische mogelijkheden als essentiële kenmerken van het medium om de werkelijkheid te exploreren en om te vormen tot beelden die dikwijls de abstractie benaderde. Roger begaf zich resoluut in deze richting. Hij wijdde zich weldra volledig aan vegetale vormen en rotsformaties en verkende er de structuur van tot in het jaar 1970.

Gedurende al die jaren creëerde hij een oeuvre van abstracte signatuur, geconcentreerd op de alomtegenwoordige materie, op de vorm en op wat een onderwerp kan oproepen wanneer het getransformeerd wordt door een strakke omkadering, door een schaalverandering of door het uit zijn context te lichten.

Dikwijls doemt temidden van die minerale structuren een toespeling tot de menselijke figuur op. Deze merkwaardige visie van de jaren 1950, die bijna vier decennia lang onafgebroken verder evolueerde, verloochent de invloed van de Amerikaanse westkustfotografen niet.

Zijn "landschappen" uit Anatolië, gerealiseerd in 1992 zijn geconcentreerd op het minerale en het vegetale. De horizontlijn is verdwenen. Het zijn boven alles exploraties en transmutaties van geïsoleerde elementen uit het landschap.

De materie wordt hier verrijkt door de platina/palladiumprint: het matte en weelderige karakter ervan verfijnt de verschillende texturen en het uitgstrekte grijsgamma.

Keren we terug tot de biografie. In 1973 ontdekt en apprecieert Roger een uitermate uitdagend werktuig, de computer. Hij is erdoor gebeten en begint te zoeken, te exploreren, te spelen en te concretiseren. In 1974 vertaalt hij zijn fascinatie voor vegetale en minerale structuren met behulp van zelfgeschreven programma's, gebaseerd op aleatorische groeischema's.

Voorloper en bijna pionier in deze beginperiode van de informatica (ik spreek hier van een soort prehistorie: het tijdperk voor de PC ...), vervolgt hij deze zoektocht tot in de jaren '80. Dat resulteert in de dyptieken, telkens samengesteld uit een foto (soms speciaal hiervoor gecreëerd; soms een vroegere opname) en een computergrafiek.

Wijlen kunstcriticus Jacques Meuris heeft, in een van zijn pertinente artikels, de adequate benaming "poëtisch-conceptuele werken" voorgesteld. En inderdaad, wanneer u zich de tijd gunt om deze werken te ontcijferen, zult u ongetwijfeld boeiende verbanden ontdekken tussen de twee delen van deze dyptieken.

Formele verbanden allicht en ook poëtische, humoristische en zelfs ironische verbanden. Ze roepen, onder andere, sociologische en filosofische bedenkingen op die echter altijd luchtig blijven, nooit bedrukkend.

Onze fotograaf, die ondanks zijn zin voor "avontuur", vooral interesse heeft voor de fotografische essentie, haar mogelijkheden en voor de fotografische intentie, keert in 1986 terug naar de "straight photography" en naar het landschap dat hij in feite nooit verlaten heeft. Signaleren we hier dat hij de enige Belg was die, in 1975, door Bill Brandt weerhouden werd om deel te nemen aan de fameuze tentoonstelling "The Land", rond het thema van het twintigste-eeuwse fotografische landschap.

In 1991 deed hij zijn eerste ervaringen op met het platina/palladiumprocédé waarover ik reeds sprak. Het platinaprocédé was sinds de Tweede Wereldoorlog van de markt verdwenen, maar komt opnieuw op in de Verenigde Staten. De stabiliteit en de houdbaarheid ervan zijn zonder weerga. Een ware buitenkans voor Roger, specialist in conservatie en restauratie van foto's, omdat het procédé de beelden een aanvullende dimensie geeft.

Met het platina/palladiumprocédé realiseerde hij ook de "composiete" beelden. Voor Kockaerts vormden ze een nieuwe uitdaging. De beelden zijn integraal bij de opname gevisualiseerd en gecomponeerd, zonder verdere assemblage of tussenkomst bij het afdrukken.

Ook hier valt het relatiespel op tussen de verschillende beelden. Ze kunen bekeken worden als een quasi abstrakte mozaïek. Maar we kunen ook het woord laten aan de materie en aan de tussen elkaar dialogerende lichteffecten. Deze reeks werken geeft rekenschap van een constante in het oeuvre van Roger Kockaerts, met name de fragmentatie.

Fragmentatie in het beeld zelf, dat een element uit een geheel isoleert of in het composiete aspect van de werken. Deze notie laat de toeschouwer vaak toe om verder te gaan dan het reële, om zijn verbeelding de vrije teugel te laten, en tenslotte een nieuwe blik te werpen op het reële dat hem omringt.

Een andere constante is de sensualiteit, het tactiele karakter van de materie. Bij het binnenkomen doorliep u een sas met een vijftal foto's die een soort van initiatie weergeven. Zij vormen een eerbetoon aan Edward Weston.

Deze foto's werden genomen op Point Lobos, op de plek waar het as van deze Amerikaanse grootmeester door zijn zoons werd uitgestrooid.

Een sacraal geladen plek.

Een oord dat Roger Kockaerts benaderde door af te dalen tot op de grond, alsof hij in zichzelf afdaalde. De blik werd intiem, ietwat afgezonderd in zichzelf.

Het zijn kalme beelden die door hun subtiele en majestatische sensualiteit en de verhouding tot het menselijk lichaam, mijns inziens, doen denken aan Weston. Ik nodig U uit om dat voor uzelf te ontdekken.

Anne Wouters
october 1994.

reeks "ANATOLIAN MINDSCAPES"